Hall of Fame ballot 2022: Hans Mulder

Ook dit jaar onthullen meerdere SportAmerika MLB-redacteuren hun Hall of Fame-ballot. Zeker in 2022, wanneer er een grote groep PED-gebruikers op de lijst staan, is er voldoende ruimte voor een frisse discussie. Wil je alle genomineerden nog even op een rijtje hebben, dan kun je hier meer lezen. Net als vorig jaar gebruiken we het stembiljetformat van Ryan Thibodaux (@MrTibbs op Twitter), de onofficiële Hall of Fame-tracker van het internet.

Redacteur Hans Mulder is de vierde SportAmerika’er die zijn ballot openbaart.

ANDRUW JONES

In het jaar waarin de Braves de World Series winnen, kan het toch niet anders dat onze Andruw de gang naar Cooperstown gaat maken? Misschien kijk ik met een iets te oranje (en Braves) bril naar de beste man, maar in zijn hoogtijdagen was Jones werkelijk een genot om naar te kijken. Zowel aanvallend als verdedigend. Toegegeven, hij kwam vorig seizoen niet heel erg in de buurt van de Hall of Fame en mogelijk zal de voormalig international ook nu weer (flink) tekortschieten.

Daar is hij natuurlijk vooral zelf debet aan. Na zijn tijd in Atlanta kwam de magistrale Andruw slechts sporadisch opdagen. Daarom vergeten we maar even dat hij niet meer in de buurt kwam van zijn .263 slaggemiddelde of geen enkele Gold Glove meer won. In het uniform van de huidige wereldkampioen behoorde Andruw Jones (10 Gold Gloves, 5 All-Star Games, Silver Slugger) tot de beste spelers van zijn generatie en heeft daarmee zijn plekje in Cooperstown verdiend.

MARK BUEHRLE

Vorig jaar ontbrak deze naam op mijn lijstje. Tijdens alle lockdowns had ik ’s avonds meer dan genoeg tijd over, werden eens wat verhalen uit de oude doos gehaald en kwam er al snel de conclusie dat de southpaw wel degelijk een gang naar Cooperstown verdient te maken. Nee, zijn statistieken laten je niet direct duizelen, maar zijn de verhalen achter de pitcher niet veel mooier?

Als het bekende Gallische dorpje dapper overeind blijven in een strijd getekend door De Spuit. Van succesvol starter voor één dag veranderen in een succesvol closer en mede daardoor de World Series winnen. En natuurlijk mogen we de no-hitter in 2007 en de perfect game van Mark Buehrle twee jaar later niet vergeten.

ALEX RODRIGUEZ

Het S-woord viel bij Buehrle al even. De Spuit. Helaas kon Alex Rodriguez de verleiding niet weerstaan. Hij speelde 22 jaar op het allerhoogste niveau, debuteerde voor de Mariners, speelde namens die club al wat All-Star Games, pakte wat individuele prijzen, dus was toen al erg goed. Naar eigen zeggen vonden de Texas Rangers dat nog niet goed genoeg. Daar ging hij, aan het begin van deze eeuw, aan de dope. We weten inmiddels dat hij niet de enige was. Rodriguez nam al vier Silver Sluggers en vier optredens in een ASG mee naar Texas. Daar breidde hij zijn persoonlijke prijzenkast verder uit en verdiende A-Rod een trade naar de Yankees.

Ik ga op deze plek niet een kleine kwart eeuw aan prestaties van Rodriguez doornemen. Zijn erelijst spreekt voor zich: de World Series in 2009, drie keer verkozen tot MVP, 2 Gold Gloves, uiteindelijk tien Silver Sluggers en een batting title, om maar eens wat te noemen. A-Rod was misschien niet de meest sympathieke speler van zijn generatie, niet de eerlijkste en al helemaal niet de schoonste. Rodriguez was echter wel één van de allerbeste spelers van de laatste decennia en op basis daarvan hoort hij thuis in de Hall of Fame.

SCOTT ROLEN

Vorig jaar een twijfelgeval. Nu een keuze. Gold Gloves, Silver Slugger, All-Star, Rookie of the Year en een ring. Scott Rolen heeft het allemaal. Daarbij zijn z’n statistieken ruim voldoende. Nee, hij is geen Chipper Jones of Paul Molitor, maar Rolen misstaat zeker niet in Cooperstown. Slechts vijf Hall of Famers op zijn positie sloegen meer homeruns en slechts twee hebben meer honken gestolen. Dat laatste staat niet direct met hoofdletters aangegeven in de taakomschrijving van een derdehonkman, maar is toch leuk meegenomen.

BILLY WAGNER

Gevalletje copy-paste. Net als Rolen vorig jaar een twijfelgeval, maar na ampel beraad heeft Wagner het dit keer wel gehaald. Hij was in zijn tijd één van de weinige closers die ten noorden van de 100 mph kwam. Vroeger een bezienswaardigheid, nu zit het bijna standaard op een goede closer gebouwd. Mariano Rivera heeft de lat wat betreft closers nogal hoog gelegd. Bij diens cijfers komt Wagner ook niet in de buurt. Generatiegenoot Trevor Hoffman is echter ook opgenomen in de Hall of Fame.

Tussen zijn cijfers en die van Wagner zit nauwelijks ruimte. Wagner kreeg tijdens zijn loopbaan 491 kansen op een save en in 422 gevallen (86%) trok hij de wedstrijd over de streep. Hoffman heeft wat meer saves, maar kreeg ook meer save opportunities. De Hall of Famer kon je in 89% van de gevallen vertrouwen. Het ERA van Wagner (2.31) is beter en met zijn 187 ERA+ moet Billy Wagner alleen Rivera voor zich dulden. Trevor Hoffman een Hall of Famer? Dan Billy Wagner toch zeker ook!

BARRY BONDS

De man met de meeste homeruns in de historie behoort in Cooperstown. Punt. Barry Bonds kreeg inderdaad wat hulp later in zijn loopbaan, maar als (heel) veel spelers van de verboden vruchten snoepen is er nog altijd een soort van level playing field. Bij Bonds gaat het vaak over zijn recordaantal homeruns, maar wat de man daarnaast nog heeft gepresteerd is ook niet misselijk. Acht seizoenen met minimaal 40 homeruns, 14 keer All-Star namens de NL, 12 keer winnaar van de Silver Slugger Award, 7 keer MVP van de NL, 12 seizoenen met minimaal 100 RBIs en in zijn beginjaren ook nog een seizoen met 50 stolen bases.

ROGER CLEMENS

De meeste Cy Youngs in de historie van de sport. Dat alleen zou al genoeg kunnen zijn voor een eigen hoekje in Cooperstown. Roger Clemens deed er ook nog eens 4.672 K’s bij en hij won in totaal 354 wedstrijden. Maar ja, ook hier stootte iemand het hoofd tegen die beruchte dopinglamp. Athans, zo is het vermoeden. De werper heeft de schijn tegen, maar was ook voor het dopingtijdperk al dominant en één van de beste pitchers van zijn generatie. Wat mij betreft, net als Bonds, een no-brainer voor Cooperstown.

MANNY RAMIREZ

Prachtig bruggetje… Een no-brainer is Manny Ramirez niet. Tussen zijn 26e en 36e levensjaar was Ramirez een vaste klant bij de ASG. Ook stond zijn naam steevast in de top 10 van de MVP-verkiezing. Daar voegen we nog twee World Series, een Batting Title en 9 Silver Sluggers aan toe. Als we Manny even vergelijken met Andruw, dan was onze landgenoot defensief toch wel een tandje of twee beter. Vanwege zijn offensieve statistieken verdient Ramirez het, ondanks twee positieve dopingtesten, Hall of Famer te zijn.

JEFF KENT

Sympathie en klasse gaan op deze ballot maar zelden samen. We moeten goed zoeken als we mensen willen vinden die Jeff Kent aardig vinden. Zelfs onder zijn eigen ploeggenoten waren er veel die zijn bloed wel konden drinken. Diezelfde ploeggenoten wisten echter ook dat ze zonder Kent heel wat minder aan winstpremies verdienden.

Rogers Hornsby is nog altijd de tweedehonkman met de meeste homeruns in de Hall of Fame. Dit aantal verbleekt echter bij het aantal ballen dat Kent uit het stadion sloeg: 377. Vier keer kreeg de tweedehonkman een Silver Slugger Award uitgereikt en vijf keer maakte hij een ASG mee. Een ring ontbreekt op zijn palmares, maar als we naar zijn offensieve statistieken kijken, is er geen reden om Kent niet op te nemen in de Hall of Fame.

ZIJ DIE MIJN LIJST NIET HAALDEN

  • Curt Schilling: Hall of Shame? Absoluut! Hall of Fame? Laten we maar niet doen. Op de heuvel had hij de klasse die hij als mens ontbeert. Hall of Famers hoeven geen ideale schoonzonen te zijn, maar iemand met dergelijke ideeën tussen de groten der aarde plaatsen? Nee!
  • A.J. Pierzynski: Prima catcher, maar daar zijn er wel meer van. Wat mij betreft geen HoF materiaal.
  • Justin Morneau: Ach, een tikfout op het ballot. Kan de beste overkomen!
  • Jonathan Papelbon: Een bijzonder kind…en dat is ‘ie. Hij mag lekker gaan bijkletsen met zijn niet zo grote vriend Curt Schilling, maar dit gesprek gaat niet in Cooperstown plaatsvinden.
  • Mark Teixeira: Prima eerstehonkman, maar in mijn ogen (nog) geen Hall of Famer.
  • Omar Vizquel: Mag Schilling vergezellen in de Hall of Shame. Hij vanwege zijn walgelijke gedrag.
  • Jimmy Rollins: Een speler die je er in de MLB-games goed bij kon hebben, maar niet onmisbaar en geen Hall of Famer.
  • Prince Fielder: Voor mij toch iets te veel een one-trick pony.
  • Tim Lincecum: Viel nu net af, maar sluit een stem in de toekomst zeker niet uit!
  • Sammy Sosa: Geweldige strijd met McGwire, mooie statistieken, maar wel heel erg geholpen door de verboden substanties…
  • Andy Pettitte: Uitstekende werper en vijf ringen. Toch wil ik er nog een nachtje of 365 over slapen voor ik hem opneem.
  • Ryan Howard: Deze kan sneller. Een erg goede speler, maar erg goed is niet goed genoeg voor Cooperstown.
  • Carl Crawford: Och, was hij maar… in Tampa Bay gebleven…
  • Todd Helton: Ook een uitstekende spelers. Anders sta je ook niet op deze lijst, maar Coors Field heeft hem wel erg geholpen…
  • Jake Peavy: In de rij achter Lincecum aansluiten.
  • Gary Sheffield: Het grootste twijfelgeval van allemaal. Had mijn tiende op de ballot kunnen zijn, maar is het niet geworden. Nog niet.
  • David Ortiz: Grote speler. Zal het uiteindelijk ook wel tot de Hall of Fame schoppen, maar ik wacht er nog even mee.
  • Joe Nathan: Minder dan Wagner en Hoffman, dus in mijn ogen geen Hall of Famer.

Coverfoto: Hall of Fame

Hans Mulder
Hans Mulder
Dankzij de Braves en de Twins gegrepen door de MLB. Wat later door een simpele videogame besmet met 't ijshockeyvirus en blij dat ik hier beide liefdes mag beschrijven.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in

Gerelateerde artikelen