Hall of Fame ballot 2022: Mick van der Nat

Ook dit jaar onthullen meerdere SportAmerika MLB-redacteuren hun Hall of Fame-ballot. Zeker in 2022, wanneer er een grote groep PED-gebruikers op de lijst staan, is er voldoende ruimte voor een frisse discussie. Wil je alle genomineerden nog even op een rijtje hebben, dan kun je hier meer lezen. Net als vorig jaar gebruiken we het stembiljetformat van Ryan Thibodaux (@MrTibbs op Twitter), de onofficiële Hall of Fame-tracker van het internet.

Vandaag op het hakblok: redacteur Mick van der Nat.

BARRY BONDS EN ROGER CLEMENS

In mijn mening zijn beide heren fout geweest voor het gebruiken van prestatiebevorderende middelen, maar beide begonnen pas met het gebruik in de nadagen van hun carrière. Bonds was voor zijn gebruik in 1999 al een superster en Clemens’ statistieken waren ook superieur voor zijn dopingavontuur in 1998.

Barry Bonds sloeg in de dertien jaar die hij vóór zijn PED-gebruik speelde in 6621 slagbeurten, 1917 hits (.290 slaggemiddelde), waarvan 411 ballen over de muur eindigden. Verder had hij een OPS+ van 164, wat hem in die jaren 64% beter maakte dan de gemiddelde MLB-speler. Roger Clemens won vóór 1998 al vijf Cy Young Awards, wat hem nu met aftrek van de twee later gewonnen trofeeën nog altijd samen met Randy Johnson bovenaan plaatst. Bovendien leidde hij de American League vijf keer in strikeouts en zes keer in ERA en had hij een 151 OPS+.

Zowel Bonds als Clemens waren voor het gebruik al geweldig, het is het laatste jaar voor beide op het ballot en nu is het tijd dat ze zichzelf een Hall of Famer mogen noemen.

MARK BUEHRLE

Mark Buehrle is een naam die niet genoeg aandacht krijgt voor de prestaties die hij bereikte. Vorig jaar lichtte ik aan de hand van het artikel van Jasper Roos verder toe waarom Buehrle thuishoort in de Hall of Fame. Om het nog eens op te sommen: hij gooide een perfect game, de snelste wedstrijd in de geschiedenis met 99 minuten, een no-hitter, won een World Series ring (Chicago White Sox 2005), won vier Gold Gloves en werd geslecteerd voor vijf All-Star Games. In mijn ogen is het zekere zaak, Mark Buehrle hoort thuis in Cooperstown.

PRINCE FIELDER

De eerste nieuwe naam op mijn lijstje vergeleken met vorig jaar. Zelf heb ik lang getwijfeld tussen Prince Fielder en Manny Ramirez, maar Fielder trok toch aan het langste eind vooral door het PED-verleden van Ramirez. Op zichzelf is de carrière van Fielder in mijn optiek ook Cooperstownwaardig. Hij werd zes keer verkozen tot All-Star, eindigde zes keer in de top twintig van de MVP-verkiezing, waarvan vier keer binnen de top vijf en leidde de National League één keer in homeruns.

Het is zeker waar dat Prince Fielder een vrij ééndimensionale speler was. Bij hem draaide het vooral om het slaan met kracht, maar dat kon hij dan ook erg goed. In seizoenen waarbij hij meer dan honderd wedstrijden speelde sloeg hij op uitzondering van het seizoen 2015 altijd meer dan 25 homeruns. Daarbij heb ik zelf altijd een zwak gehad voor Fielder, dus hoop ik dat hij het haalt.

TIM LINCECUM

In 2014, het jaar dat ik honkbal begon te volgen, was er één team wat mijn aandacht trok: de San Francisco Giants. Uiteindelijk zouden de Giants de World Series winnen door onder andere een geweldige Madison Bumgarner, maar ook Tim Lincecum maakte deel uit van die fantastische pitching rotation.

In zijn eerste drie jaar in de Majors won Lincecum twee Cy Young Awards en werd hij in zijn eerste vijf jaar vier keer uitgeroepen tot All-Star. Tevens gooide hij in 2014 ook nog een no-hitter, iets wat hij in 2013 ook deed. Verder was Lincecum tussen 2008-2010 leider in strikeouts van de National League. Als je alles op een rijtje zet, plus mijn voorkeur voor Lincecum, is hij voor mij een Hall of Famer.

DAVID ORTIZ

De derde achtereenvolgende nieuwe naam op mijn lijst. David Ortiz, ook wel Big Papi, is potentieel ook een doper. Zijn schuld is echter (nog) niet bewezen. Hij verkreeg een mythische status in Boston bij de Red Sox tijdens zijn veertien jaar durende carrière daar. Hij speelde voor zijn tijd bij de Red Sox zes jaar bij de Minnesota Twins, maar kon daar nooit zijn stempel drukken. Zijn contract werd ontbonden door de Twins en hij werd opgepikt door de Boston Red Sox in 2003. Vanaf dat moment begon zijn Hall of Fame-carrière.

Uiteindelijk stokte zijn teller op 2408 wedstrijden, met 8640 slagbeurten (.286 slaggemiddelde). Big Papi sloeg in totaal 2472 hits, waarvan 632 doubles, 541 homeruns en 1786 RBI. Edgar Martinez werd in 2019 als designated hitter al verkozen in de Hall of Fame. Echter sloeg Ortiz meer hits (225) en homeruns (232) dan Martinez en speelde hij de meeste wedstrijden aller tijden op de designated hitter-positie. Ik kan er dus niet omheen. Als Edgar Martinez in de Hall of Fame thuishoort, hoort David Ortiz dat ook.

ANDY PETTITTE

Klopt, het is waar dat Pettitte een gebruiker was van verboden middelen, maar dat was in 2002 en 2004. Beide jaren zijn echter totaal niet noemenswaardig in de rijke carrière van de pitcher. In totaal won hij vijf World Series-ringen in zijn achttien jaar durende carrière en hij pitchte in totaal 267.2 innings in de playoffs. Hiermee is hij leider van alle pitchers aller tijden. Tevens sloot hij de 44 wedstrijden die hij startte in het postseason negentien keer winnend af. Ook hiermee is hij nummer 1 aller tijden. Andy Pettitte was altijd de beste versie van zichzelf als het aankwam in oktober en verdient mede daardoor mijn stem.

ALEX RODRIGUEZ

Nog een veelbesproken vraag: hoort Alex Rodriguez in de Hall of Fame thuis? Als je het aan mij vraagt wel. Zijn prijzenkast puilt uit, A-Rod heeft duizelingwekkende statistieken, maar ook hij werd gepakt voor het gebruik van doping, in 2013. Je kunt echter iemand die zoveel voor de sport betekend heeft en zoveel gewonnen heeft niet uit de Hall of Fame houden.

A-Rod won drie MVP’s (2003, 2005 en 2007), één World Series (2009), twee Gold Gloves (2002 en 2003), tien Silver Slugger Awards (1996, 1998-2003, 2005 en 2007-2008), één Batting Title (1996) en hij werd veertien keer uitgeroepen als All-Star (1996-1998, 2000-2008 en 2010-2011).

Naast die waslijst aan prijzen heeft A-Rod ook nog eens statistieken die fantastisch zijn. 10566 slagbeurten (.295 slaggemiddelde), 2021 runs, 2086 RBI, 696 homeruns, 329 gestolen honken, een OPS+ van 140 en 177.5 WAR. Op de JAWS lijst voor kortestops staat hij op de tweede plaats aller tijden, waarbij alleen de legendarische Honus Wagner hoger staat. In totaal laat A-Rod ook nog 27 Hall of Famers achter zich. Het is duidelijk: Alex Rodriguez behoort in Cooperstown.

MARK TEIXEIRA

De laatste nieuwe naam op mijn lijst is Mark Teixeira. De eerstehonkman speelde vier seizoenen bij de Texas Rangers, maar zal vooral herinnerd worden door zijn tijd bij de New York Yankees. Teixeira kon niet alleen goed slaan .268/.360/.509, 127 wRC+ met 409 homeruns, nee defensief stond hij ook zijn mannetje (92 DRS). Op de JAWS lijst voor eerstehonkmannen staat Teixeira op een 31e plaats. In deze lijst moet hij achttien Hall of Famers voor zich laten en onder andere ook de nog spelende Albert Pujols (2de), Miguel Cabrera (11de), Joey Votto (12de) en Paul Goldschmidt (25ste). Als je alle statistieken zo voor je ziet kan je niet anders zeggen dan dat Mark Teixeira een Hall of Famer is.

BILLY WAGNER

Met een beruchte fastball, die vaak 100 mph aantikte, terroriseerde Billy ‘The Kid’ Wagner zestien jaar lang slagmensen in MLB. Hij pitchte in 853 wedstrijden, maakte hiervan 703 wedstrijden af als closer en schreef 422 saves op zijn naam. Zijn 422 saves maken hem de zesde closer aller tijden, achter Mariano Rivera (652), Trevor Hoffman (601), Lee Smith (478), Francisco Rodriguez (437) en John Franco (424). Verder had Wagner tijdens zijn carrière een 11.9 strikeouts per 9 innings pitched ratio (K/9). De hoogste ooit voor een Major League pitcher met meer dan 750 innings in de boeken. Alleen de beste closers horen thuis in Cooperstown en tot die groep hoort Billy Wagner.

ZIJ DIE DE LIJST NIET HAALDEN

Op alfabetische volgorde de afvallers die mijn lijstje net niet haalden:

  • Bobby Abreu: Kreeg vorig jaar nog mijn stem, nieuwe namen op de lijst hadden alleen net een betere case voor de Hall in mijn ogen. Volgend jaar kan deze on-base machine wel weer op mijn stem rekeningen, mits hij het nog een jaar overleeft.
  • Carl Crawford: Niets aan zijn carrière maakt hem een Hall of Famer.
  • Todd Helton: Zie zaak Bobby Abreu.
  • Ryan Howard: Teveel blessures aan het einde van zijn carrière.
  • Tim Hudson: Hall of Very Good.
  • Torii Hunter: Goed, maar net niet goed genoeg.
  • Andruw Jones: Niet stabiel genoeg in zijn laatste vijf jaar.
  • Jeff Kent: Defensief niet goed genoeg als tweedehonkman.
  • Justin Morneau: Verder dan de Minnesota Twins Hall of Fame hoeft hij niet te komen.
  • Joe Nathan: Een goede closer, behoort alleen niet tot de beste.
  • Jonathan Papelbon: Precies hetzelfde als Joe Nathan.
  • Jake Peavy: Na 2007 behoorde hij niet meer tot de absolute top, mede door blessures. Hierdoor heeft hij niet genoeg goede jaren gehad voor Cooperstown.
  • A.J. Pierzynski: Geen enkele statistiek springt in het oog, ik denk dan ook niet dat hij het overleeft.
  • Manny Ramirez: Lang getwijfeld tussen ‘Manny’ en Prince Fielder, uiteindelijk kreeg Fielder het voordeel door het gebruik van ‘Manny’. Misschien krijgt hij volgend jaar weer mijn stem.
  • Scott Rolen: Zit in hetzelfde schuitje als Tim Hudson.
  • Jimmy Rollins: Fantastische carrière, alleen net niet goed genoeg.
  • Curt Schilling: Racisten moet je nooit een platform geven.
  • Gary Sheffield: Viel dit jaar van mijn lijst door de nieuwe namen, maar als hij weer een jaar overleeft krijgt hij volgend jaar weer mijn stem.
  • Sammy Sosa: Niet goed genoeg zonder doping.
  • Omar Vizquel: Slaat vrouwen en wordt verdacht van het misbruiken van een autistische bat boy, hoort daardoor niet thuis op het ballot.

Coverfoto: Hall of Fame

Mick van der Nat
MLB redacteur en Texas Rangers fan, heeft daardoor wel weinig om te juichen. Leert en schrijft ook graag over de geweldige geschiedenis van de MLB.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

Gerelateerde artikelen