Babe Ruth en het einde van een tijdperk

Door

Honderd jaar geleden verkochten de Boston Red Sox hun sterspeler Babe Ruth voor $100.000,- aan de New York Yankees. Hoe kon een talentvolle linkshandige werper uitgroeien tot de meest gevreesde slugger van zijn tijd en lang daarna? Waarom koos de club — die op dat moment drie van de laatste vijf World Series had gewonnen — ervoor hun beste kracht van de hand te doen? En welke gevolgen had de overgang van Ruth naar de Yankees voor beide organisaties? We duiken andermaal de geschiedenisboeken in om antwoorden op die vragen te vinden. Vandaag deel I: Babe Ruth en het einde van een tijdperk.

RUTH

George Herman Ruth Junior groeit op in Baltimore als zoon van een bareigenaar en een ziekelijke moeder. Hoewel zijn latere bijnaam ‘Bambino’ misschien anders doet vermoeden, zijn alle vier de grootouders van Ruth Duitse immigranten. Als kind is hij zelfs lange tijd alleen de Duitse taal machtig. De kleine George slijt zijn dagen in de haven, waar hij kattenkwaad of erger uithaalt. Een honkbal heeft hij dan nog nooit gezien.

Een jonge George Ruth (R) ontdekt gedurende zijn verblijf in de tuchtschool St. Mary’s een talent voor honkbal. (John Thorn/Our Game)

Op 7-jarige leeftijd zijn pa en ma Ruth het gedrag van hun onhandelbare telg zat en zij brengen hem naar de tuchtschool St. Mary’s aan de rand van de stad. Daar maakt hij dankzij een van de broeders kennis met de sport die hem later veel succes en rijkdom zal brengen. Binnen afzienbare tijd toont de jongeling over bijzonder veel talent te beschikken.

BALTIMORE ORIOLES

Kort na zijn vertrek uit het weeshuis komt Ruth terecht bij de Baltimore Orioles. De club uit zijn geboortestad is in die tijd een organisatie in de minor leagues. Door financiële problemen blijkt de talentvolle linkshandige werper niet lang te behouden voor de Orioles en het zijn de Red Sox die hem in 1914 weten binnen te halen. Ruth mag zich meteen bij het vlaggenschip melden en maakt al op 11 juli 1914 zijn debuut in de Major League.

DEAD BALL ERA

Het honkbal van de jaren ’10 van de twintigste eeuw is niet hetzelfde als de sport die we nu kennen. Gedurende het zogenaamde Dead Ball Era is honkbal voornamelijk een tactisch spel. Strategieën als hit-and-run en het stelen van honken domineren. De afmetingen van de velden maken het slaan van homeruns nagenoeg onmogelijk. Er worden in die jaren zelfs meer triples geslagen dan homeruns. Veel meer.

Zo slaat Owen ‘Chief’ Wilson van de Pittsburgh Pirates er maar liefst 36 in één seizoen en ook het recordaantal van 309 driehonkslagen dat Detroit Tiger Sam Crawford over zijn gehele carrière produceert, lijkt nu nooit meer verbeterd te zullen worden. Vergelijk die aantallen maar eens met de 117 homeruns die generatiegenoot Ty Cobb gedurende zijn 24-jarige carrière slaat.

Ruth (linksboven) in 1912 gedurende zijn tijd op St. Mary’s. Achter hen zien we verwijzingen naar de dan regerend kampioen: de Boston Red Sox. (Sporting News Collective)

HOME RUN BAKER

Het zijn de jaren waarin Frank Baker zich tussen 1911 en 1914 viermaal op rij tot homerunkoning kroont met gemiddeld tien homeruns per seizoen. Tegenwoordig weet nauwelijks nog iemand dat diens voornaam Frank luidde, hij wordt simpelweg als Home Run Baker aangeduid (op Baseball Preference staat zijn officiële voornaam zelfs niet genoemd). Ter vergelijking, ruim tweehonderd spelers sloegen dit jaar meer dan 12 homeruns – het hoogste aantal dat Baker ooit haalde – en de kans dat Martín Maldonado ooit als “Home Run Maldonado” door het leven zal gaan, lijkt alleen ironisch tot de mogelijkheden te behoren.

OHTANI AVANT LA LÈTTRE

Gedurende zijn eerste seizoenen in Beantown komt Babe Ruth slechts het veld in als werper, al laat hij tijdens zijn slagbeurten in dit designated hitter-loze tijdperk al zien dat hij ook met een knuppel uitstekend uit de voeten kan. In zijn tweede seizoen in de Major League slaat Ruth in een fractie van het aantal slagbeurten van zijn teamgenoten de meeste homeruns van alle Red Sox. Hij is dan pas 20 jaar oud. Zijn vier homeruns mogen afgezet tegen de hedendaagse aantallen dan niet heel indrukwekkend lijken, voor die tijd was het dat dus weldegelijkd. Zeker voor een pitcher met nauwelijks meer dan honderd slagbeurten.

HOME RUN KING

Red Sox-manager Ed Barrow besluit vanaf 1918 de jonge Ruth steeds vaker ook in te gaan zetten als veldspeler. Van die beslissing zal hij geen moment spijt krijgen. Als buitenvelder annex eerstehonkman annex pitcher komt Ruth in dat eerste seizoen als veldspeler al tot een aanzienlijk groter aantal slagbeurten en die teller loopt een jaar later alleen maar verder op. Met elf homeruns legt de 23-jarige Bambino voor het eerst in zijn carrière beslag op de titel van homerunkoning en dat tweede seizoen doet hij het met 29 long balls zelfs nog veel beter. Daarmee verbreekt hij en passant het 34 jaar oude homerunrecord van 27 van Ned Williamson. Gavvy Cravath, nummer twee achter Ruth, volgt met 12 homeruns op gepaste afstand. Intussen verschijnt Ruth steeds minder vaak op de heuvel. Zijn toekomst ligt duidelijk in het slagperk en niet op de heuvel.

HOMERUN-EPIDEMIE

In 1919 is er sprake van een heuse homerun-epidemie. Waar een paar jaar eerder de hoeveelheid homeruns een dieptepunt had bereikt, neemt dat aantal plots zienderogen toe. Over het hele seizoen worden er 447 homeruns geslagen, bijna een verdubbeling van de 235 die een jaar eerder werden genoteerd. De verklaringen voor deze toename lopen uiteen. Waarschijnlijk is er niet één factor verantwoordelijk voor geweest, maar was het een samenloop van omstandigheden.

Een jonge Babe Ruth (tweede van rechts, 1915) in het tenue van de Boston Red Sox. (NPG)

DE DOOD VAN RAY CHAPMAN

Al halverwege het decennium begon de sport langzamerhand te veranderen. Er werd een nieuwe bal geïntroduceerd. Deze nieuwe bal bevatte een kern van kurk. Plots slaagden spelers er weer in meer dan 20 homeruns te slaan. In 1920 werd er een volgende stap gezet in het veranderingsproces. Dat jaar wordt korte stop Ray Chapman, één van de talentvollere spelers van zijn generatie, dodelijk getroffen door een mogelijk ernstig versleten bal. Hierop besluit de bond dat elke bal die in het gravel was beland moest worden vervangen. Daarnaast werden worpen als de spitball, tot dan een veelgebruikt wapen van meerdere (top-)pitchers, uitgebannen. Ook hierdoor kon het aantal homeruns nog vele malen verder stijgen.

SPEKTAKEL

Europa wordt op dat moment geteisterd door de Eerste Wereldoorlog. In 1917 sluiten de Amerikanen zich aan bij de geallieerden en ze sturen manschappen naar het Europese front. Ook in het eigen land breken er zware tijden aan. Zeker als er dan ook nog een griepepidemie uitbreekt die meer dan een half miljoen levens eist. De mensen hebben wel wat anders aan hun hoofd dan negen innings honkbal. Toeschouwersaantallen dalen drastisch, wat de bond en de clubeigenaren noopt tot ingrijpen.

Het fenomeen homerun voegt een element van spektakel toe aan het spel en al snel blijken de supporters er enthousiast van te worden. Terwijl gokschandalen de sport naar de afgrond lijken te leiden, zijn de harde klappen van sluggers als Babe Ruth de reddingsboei waar de bobo’s zich aan vastgrijpen. Het legt ook de Bambino geen windeieren.

Je moet goed kijken om de Babe in deze foto te kunnen ontdekken in de menigte. (John Thorn/Our Game)

SUPERSTER

Ruth groeit uit tot een superster. De honkballer is ongekend populair. Al in 1920 maakt hij zijn debuut op het witte doek in een geromantiseerde versie van zijn eigen leven. Amerika verandert in die naoorlogse jaren. Het land krabbelt op van een smerige oorlog waarmee een generatie volwassen is geworden. Schrijver Ernest Hemingway zal later spreken over een Lost Generation, terwijl zijn collega en vriend F. Scott FitzGerald een stuk optimistischer klinkt, als hij spreekt van The Jazz Age.

De tijden veranderen dus en ook in het honkbal breekt een nieuwe dageraad aan. Het Dead Ball-tijdperk maakt plaats voor een zogenaamd Live Ball-tijdperk. Vanaf nu is de homerun koning. Niemand staat zo symbool voor deze kentering van het tijdperk als George Herman Ruth. The Babe is het ultieme icoon van zijn tijd.

Coverfoto: WGBH

1 Reactie
  1. Peter Jongeneel 9 maanden ago

    Schitterend geschreven, Sander! Ik kijk nu al uit naar deel II

Comments are closed.

Ook leuk om te lezen